Verzetsliteratuur

Home

vers 1 | vers 2 | vers 3 | vers 4 | vers 5 | vers 6 | vers 7 | vers 8 | vers 9 | vers 10 | vers 11 | vers 12 | vers 13 | vers 14 | vers 15 | vers 16 | vers 17 | vers 18 | vers 19 | vers 20 | vers 21 | vers 22 | vers 23 | vers 24 | vers 25
vers 8

Virelai

Helaas, Jan Remko Theodoor,
Wat hebben wij van jou gehoord:
Nooit klinkt je stem ons weer in 't oor?
De nazi's hebben je vermoord?
Wat had je dan toch wel misdaan,
En was je schuld zo levensgroot,
Alleen te delgen met je dood?
"Ik ben den rechten weg gegaan,
En bracht een opgejaagden Jood
Het land uit, en alleen daarvoor
Werd ik gegrepen en verhoord
En opgesloten in dit goor,
Vuns hok hier - maar ik hield mijn woord!"

Helaas, Jan Remko Theodoor,
Wat hebben wij van jou gehoord:
Nooit klinkt je stem ons weer in 't oor?
De nazi's hebben je vermoord?
"Wat kan een man, oprecht en trouw,
Vroeg ik, nog doen in dezen tijd?
En zei: hij strijdt den ijd'len strijd -
Dien streed ik, en mij trof hun klauw;
Ik ben van cel naar kamp geleid
En daar op sterven voorbereid
Met koud'en honger - ja, ik hoor
Al hoe de dood mijn adem stoort;
Ik voel, hoe woelt mijn bortskas door,
Ik zie hem, waar weer vrijheid gloort!"

Helaas, Jan Remko Theodoor,
Wat hebben wij van jou gehoord!
Nooit klinkt je stem ons weer in 't oor,
De nazi's hebben je vermoord!

Bron:
Geuzenliedboek 1940-1945