Verzetsliteratuur

Home

vers 1 | vers 2 | vers 3 | vers 4 | vers 5 | vers 6 | vers 7 | vers 8 | vers 9 | vers 10 | vers 11 | vers 12 | vers 13 | vers 14 | vers 15 | vers 16 | vers 17 | vers 18 | vers 19 | vers 20 | vers 21 | vers 22 | vers 23 | vers 24 | vers 25
vers 25

De dooden

"Neen, onze dooden neemt niemand ons af",
Zeiden wij tot elkaar. "Dit groote lijden
Maakte ons tot een volk: niemand kan scheiden,
Die staan vereenigd om eenzelfde graf".

Hoe weinig maanden en gij ligt terzijde...
Zijn wij voor de herinnering te laf?
Hebt gij vergeefs gestreden? Zal uw graf
Onvruchtbaar blijven voor den oogst der tijden?

Ach, wij zijn klein, die U met bloemen eeren,
Gevoed door ons herdenken: ach, zij zullen,
Gelijk uw eigen leven ras vergaan.

Maar gij, die trouw waart tot den dood, zult keeren
En onzen bodem met uw bloed vervullen
En elken Mei waken voor ons bestaan!

Bron:
Geuzenliedboek 1940-1945