GRAMMATICA


Uitspraak

Klinkers & Medeklinkers
Deze is in het algemeen als in het Nederlands, behalve:

  1. de e is als de ee in been of de e van vel;
  2. de u is als de oe;
  3. de i is als de ie;
  4. de c klinkt als de k of als ts voor de e, i en y;
  5. de g klinkt als een zachte k of als zj voor de e, i en y;
  6. de ch meestal als k
Woorden die ongewijzigd uit een nationale taal zijn overgenomen behouden in de regel hun oorspronkelijke uitspraak, bijvoorbeeld: interview (Engels), bureau (Frans) of rancho (Spaans).

Klemtoon
Hoofdregel: Op de klinker voor de laatste medeklinker.
Voorbeelden: central, grande.

Uitzonderingen:

  • Woorden, die eindigen op -le, -ne of -re voorafgegaan door een klinker, krijgen de klemtoon op de derde lettergreep van achteren.

    Voorbeelden:
    difficile, examine, tempore.
  • In woorden met de uitgangen -ic, -ica, -ico, -ide, -ido, -ula en -ulo valt de klemtoon op de lettergreep die aan de uitgang voorafgaat.

    Voorbeelden:
    energic, clinica, publico, rapide, frigido, fomula, articulo.


Zelfstandige Naamwoorden

Enkelvoud
Zelfstandige naamwoorden hebben geen grammaticaal geslacht. Bij namen van personen en dieren kan de -o een mannelijk en de -a een vrouwelijk wezen aanduiden: amico (vriend), amica (vriendin); urso (beer), ursa (berin); vicino (buurman), vicina (buurvrouw).

Meervoud
Het meervoud wordt gevormd door achtervoeging van s na een klinker en es na een medeklinker: lingua (taal), linguas (talen); lection (les), lectiones (lessen).

Lidwoorden
De lidwoorden zijn le (de/het) en un (een). Ze veranderen niet naar geslacht of getal: le patre (de vader), le matre (de moeder), le infantes (de kinderen), un homine (een man), un femina (een vrouw).
Met het voorafgaande voorzetsel de (van) en a (aan, te, op) wordt le samengetrokken tot del respectievelijk al.


Werkwoorden

Vervoeging
De onbepaalde wijs van de werkwoorden eindigt op -r: parlar (spreken), vider (zien), audir (horen).
Door weglating van de -r krijgt men de tegenwoordige tijd:

Io parla/vide/audi. -- Ik spreek/zie/hoor.
Tu parla/vide/audi. -- Jij spreekt/ziet.hoort
Ille parla/vide/audi. -- Hij spreekt/ziet/hoort.
Illa parla/vide/audi. -- Zij spreekt/ziet.hoort
Vos parla/vide/audi. -- U spreekt/ziet/hoort.
Nos parla/vide/audi. -- Wij spreken/zien/horen
Illes parla/vide/audi. -- Zij spreken/zien/horen.

Er is slechts een vorm voor alle personen in enkel- en meervoud. Dit geldt ook voor de andere tijden.

De gebiedende wijs wordt gevormd door de stam: parla! (spreek!), vide! (zie!), audi! (hoor!).

De werkwoorden esser (zijn), haber (hebben) en vader (gaan) hebben een verkorte vorm namelijk: es, ha en va.

De verleden tijd wordt gevormd door -va achter de tegenwoordige tijd te voegen: io parlava (ik sprak), tu videra (jij zag), nos audiva (wij hoorden).

De toekomende tijd drukt men uit door toevoeging van a (met klemtoon) aan de onbepaalde wijs of ook wel door middel van het hulpwerkwoord va: io parlara, io va parlar (ik zal spreken), ille videra, ille va vider (hij zal zien), vos audira, vos va audir (u zult zien).

De voorwaardelijke wijs vormt men door -ea (met klemtoon op de e achter de tegenwoordige wijs: io parlarea (ik zou spreken), tu videra (je zou zien), nos audirea (wij zouden horen).

Het tegenwoordig deelwoord wordt gevormd door toevoeging van -nte achter de tegenwoordige tijd of -ente indien deze op i eindigt: parlante (sprekende), vidente (ziende), audiente (horende).

Het verleden deelwoord heeft de uitgang -te, te voegen achter de tegenwoordige tijd. Indien een e vooraf gaat, gaat deze over in i: parlate (gesproken), vidite (gezien), audite (gehoord).


Bijvoegelijke Naamwoorden En Bijwoorden

Bijvoegelijke naamwoorden
Het bijvoeglijk naamwoord wordt niet verbogen, d.w.z. er is geen onderscheid voor mannelijke en vrouwelijke woorden en voor enkel- en meervoud. Bijvoeglijke naamwoorden kunnen zowel aan een zelfstandig naamwoord voorafgaan als er op volgen. Het laatste komt het meest voor: un bon vino (een goede wijn), le examine facile (een gemakkelijk examen).

Bijwoorden
De meeste bijwoorden zijn afgeleid van bijvoeglijke naamwoorden door middel van het achtervoegsel -mente, bij bijwoorden op c wordt een a tussengevoegd: natural - naturalmente, clar - clarmente, pacific - pacificamente. Sommige bijwoorden zijn afgeleid met de uitgang -o: certe - certo, multe - multo, bellissime - bellissimo.


Telwoorden

Hoofdtelwoorden
De hoofdtelwoorden zijn:

0 -- zero
1 -- un
2 -- duo
3 -- tres
4 -- quatro
5 -- cinque
6 -- sex
7 -- septe
8 -- octo
9 -- nove(m)
10 -- dece
20 -- vinti
30 -- trenta
40 -- quaranta
50 -- cinquanta
100 -- cento
1000 -- mille
1000000 -- million

Van 50 af worden de tientallen regelmatig afgeleid van de eenheden door het achtervoegsel -ante. De overige getallen worden gevormd als volgt:
11 dece-un, 22 vinti-duo, 68 sextante-octo, 123 cento vinti-tres, 5617 cinque milles sex centos dece-septe.